Deze fouten maak je vaak bij het gebruik van een kiphouder
Een hele kip op de barbecue is altijd een feest. Met zijn krokante vel en sappige vlees is het een gerecht dat bij veel BBQ-liefhebbers hoog op de lijst staat. Om die perfecte garing en de gewilde knapperige buitenkant te bereiken, gebruiken veel BBQ’ers een handige tool: de kiphouder voor de BBQ. Dit hulpmiddel zorgt ervoor dat de kip rechtop staat, waardoor de warmte goed kan circuleren en de huid rondom mooi bruin wordt. Toch sluipen er vaak onbewust fouten in het gebruik die de bereiding net niet helemaal perfect maken.
De kip niet goed voorbereiden
Voordat de kip überhaupt de kiphouder voor de BBQ ingaat, begint een succesvolle bereiding met de juiste voorbereiding. Een veelvoorkomende fout is het overslaan van het marineren of kruiden, of het doen op het laatste moment. Hierdoor trekt de smaak niet diep genoeg in het vlees, wat resulteert in een minder smaakvolle kip. Neem de tijd om de kip royaal te voorzien van kruiden of een goede marinade, zowel aan de buitenkant als onder de huid. Je kunt de kip vooraf ook pekelen, wat zorgt voor extra sappigheid.
Door de kip ruim van tevoren te kruiden, liefst een paar uur of zelfs een hele nacht in de koelkast, geef je de smaken de kans om goed in te trekken. Dit draagt bij aan een heerlijk aroma en een diepere smaak. Een goed voorbereide kip is immers de basis voor een geslaagd gerecht, ongeacht de methode van garen.
De verkeerde vloeistof in de houder
Alleen water gebruiken
Veel kiphouders zijn uitgerust met een reservoir voor vloeistof onder de kip. Een veelgemaakte fout is om dit reservoir alleen met water te vullen. Hoewel water helpt om het vochtgehalte in de BBQ te verhogen en uitdroging tegen te gaan, voegt het weinig toe aan de smaak van de kip zelf. Het is zonde om deze kans op extra aroma’s onbenut te laten liggen.
Te weinig smaak toevoegen
Gebruik in plaats van alleen water eens bier, wijn, bouillon, of een combinatie van deze met verse kruiden en specerijen. Denk aan citroenschijfjes, knoflookteentjes of rozemarijn om de aroma’s extra te versterken. De verdampende vloeistof trekt in de kip en geeft een subtiele, extra smaak die elke hap net iets lekkerder maakt. Zorg er wel voor dat het reservoir niet overloopt als de kip erop staat.
De temperatuur niet goed regelen
De juiste temperatuurbeheersing is belangrijk voor een perfect gegaarde hele kip. Een veelvoorkomende misstap is het plaatsen van de kiphouder direct boven de hete kolen, of een te hoge of te lage temperatuur in de BBQ. Dit leidt vaak tot een kip die aan de buitenkant verbrand is en vanbinnen nog rauw, of juist een uitgedroogde kip die uren op de BBQ heeft gelegen.
Gaar een hele kip op de kiphouder voor de BBQ indirect, met een constante temperatuur tussen de 160 en 180 graden Celsius. Plaats de kiphouder dus niet direct boven de hittebron, maar ernaast, of gebruik een hitteverdeler. Gebruik altijd een kerntemperatuurmeter om de garing van de kip te controleren; bij een kerntemperatuur van 82 graden Celsius in het dikste deel van de dij is de kip perfect gaar en veilig om te eten. Zo garandeer je een sappige binnenkant en een krokant vel.
De kip te snel aansnijden
Na al die inspanning en geduld is de verleiding groot om de perfect gegaarde kip direct aan te snijden zodra deze van de BBQ komt. Dit is een veelgemaakte fout die de sappigheid van het vlees aanzienlijk kan verminderen. Tijdens het garen trekken de vleessappen naar het midden van de kip door de hitte.
Door de kip na het garen minimaal 10 tot 15 minuten te laten rusten, het liefst losjes afgedekt met aluminiumfolie, krijgen de sappen de kans om zich weer gelijkmatig door het vlees te verdelen. Dit resulteert in een veel sappiger en malser stuk kip. Snijd de kip dus pas aan als hij minimaal 10 tot 15 minuten heeft gerust.






